5 en 6 Industriële ICT

Je leert computersystemen en netwerken in industriële toepassingen installeren, in bedrijf stellen en onderhouden. Zowel hardware, software en interfaces tussen computer en toepassing komen aan bod.
Je leert hoe een computer werkt, maar ook hoe je informatie kan uitwisselen met andere computers en geautomatiseerde productiesystemen.
Je leert zelf programma’s schrijven en apparaten aan de PC aansluiten. Je leert de verschillende aspecten van het ontwerp herkennen, interpreteren, toelichten en uitvoeren.
Men verwacht een sterke interesse voor de industriële toepassingen van de moderne technologie. Het fijn technische werk vraagt zin voor detail,
nauwkeurigheid, orde en structuur.

De opdrachten veronderstellen aanleg voor logisch, probleemoplossend denken en handelen. Je leert over basiselektriciteit, energietransport, componenten van industriële randapparatuur en vermogenselektronica.
Je verwerft kennis over interfacetechnieken en leert de meest voorkomende herkennen en toepassen. Je bestudeert de grondbeginselen van het
programmeren die je later kunt toepassen in verschillende talen en situaties.
Via programmeertalen en besturingssystemen leer je de computer gebruiken als middel om industriële processen te besturen.

FINALITEIT DOORSTROOM (ASO EN TSO): Domeingebonden 
Algemene vakken6IC
Aardrijkskunde1
Engels2
Frans2
Geschiedenis1
Godsdienst2
Lichamelijke Opvoeding2
Nederlands2
Wiskunde4
Richtingspecifieke vakken
Computertechnieken4
Labo2
Micro-elektronica6
Programmeerbare Sturingen2
Project ICT4
Weektotaal34